Nieuwsberichten | Nieuwsbrieven | Jaarverslagen
Overzicht nieuwsberichten
- 15 augustus 2010:
SYPO heeft op korte termijn dringend behoefte aan een Oracle expert en een Drupal expert, om het klantenadministratiesysteem van het microfinancieringsproject te onderhouden en verbeteren, en om de nieuwe website www.microbankieren.nl te ontwikkelen. Kijk voor meer informatie op onze pagina met vrijwilligersvacatures.
- 1 augustus 2010:
Begin augustus zullen Duko Hopman en Emma Kandelaars teruggaan naar Nederland, na een jaar voor SYPO in Oeganda gewerkt te hebben. De projecten zullen zichzelf in stand houden; de yoghurtfabriek draait zelfstandig en met winst, de bouw van de klinieken is bij partnerorganisatie Pat the Child in goede handen en de microfinanciering blijft onder de gepassioneerde leiding van Charles Musisi. Het microfinancieringsproject heeft inmiddels meerdere werknemers, en kan de administratie en boekhouding zelfstandig bijhouden. Ook worden in de komende maanden steeds opnieuw loan officers aangetrokken die de groei naar nieuwe klanten zullen verwezenlijken.Het lijkt onrealistisch om op een goede manier het guesthouse Besaniya en Counterpart Travels op zo'n grote afstand onder management van SYPO te houden. Hoewel er zeer goed lokaal management (Marion Kiconco) voor het guesthouse is aangetrokken, is door het grote aantal Nederlanders en Belgen in het guesthouse een zekere Nederlandse/Belgische begeleiding gewenst. SYPO heeft daarom de rechten op Besaniya en Counterpart Travels overgedragen aan International Contact Uganda (ICU); een Nederlandse stichting die een guesthouse in Kampala heeft, en een stichting waar SYPO al lang mee samen werkt en die we een warm hart toedragen. Vanaf 1 september zal Besaniya dus in handen zijn van ICU; SYPO blijft wel een maandelijkse compensatie ontvangen. We raden iedereen aan om een keer naar Oeganda te gaan en op het prachtige Besaniya te overnachten!
- 1 maart 2010:
In Oeganda werkt SYPO vanuit een kantoor op de heuvel Besaniya, net buiten Mukono, op het terrein waar ook het guesthouse is. Op deze foto ziet u van links naar rechts aan het werk: Marion Kiconco, de guesthouse manager, Charles Musisi (SYPO microdevelopment), Christine Ndagire (secretaresse, SYPO microdevelopment), en Emma Kandelaars (financieel manager SYPO). Vandaag was Charles in het kantoor om het terugbetaalde geld van het microfinancieringsproject te brengen; terugbetalingen die Christine invoert in het online administratieprogramma SYMBA. Marion was aan het e-mailen met mensen die vrijwilligerswerk willen komen doen via ons project Counterpart Travels.Emma was bezig met het doorrekenen van de businessplannen van SYPO microdevelopment; we willen met het project stevig groeien naar vele honderden nieuwe leningen dit jaar.
- 28 april 2010:
Iedere drie maanden kiezen de leden van het koeiencooperatief binnen het Yoghurtproject de vrouw die volgens hun die maanden het beste voor haar koe gezorgd heeft. Die vrouw krijgt van SYPO een watertank van 1000 liter. De vrouwen kunnen de tank gebruiken om regenwater mee op te vangen, waardoor ze niet meer de lange afstanden tot de dichtstbijzijnde bron hoeven af te leggen. Koeien hebben iedere dag vele liters water nodig, en op deze manier probeert SYPO het belang van juist die zorg te onderstrepen. Hieronder ziet u de overhandiging van de tank deze maand.
- 01 april 2010:
Er zijn nu 325 leningen uitgegeven binnen het project SYPO microdevelopment, en nog steeds is er geen terugbetaling gemist. Het project betaalt inmiddels een groot deel van de operationele kosten uit rente, maar heeft nog wel geld nodig om meer uit te kunnen lenen. We hebben nu nog honderden leningaanvragen van vrouwen die dolgraag een eigen bedrijfje willen beginnen, maar geen geld meer om uit te lenen. Daarom willen we u vragen om voor dit project te doneren, zodat we volgens plan door kunnen groeien en dit jaar duizend nieuwe leningen uit kunnen geven.
- 29 maart 2010:
De eerste kliniek binnen het project SYPO MediStructures is inmiddels in gebruik. Er werkt nu een clinical officer in de kliniek in Kikwayi; later zal een algemeen verpleegkundige en verloskundige volgen. In de eerste weken zijn al vele tientalen patienten in de kliniek geholpen.
- 27 maart 2010:
Vrijwilliger Kees Wagemaker heeft enkele maanden in Kikwayi doorgebracht om de zorg voor de koeien in het Yoghurtproject te verbeteren. Hij heeft verschillende trainingen aan de vrouwen gegeven, en gekeken naar een beter fokprogramma om ook in de toekomst hoge melkopbrengst te verzekeren.
- 25 maart 2010:
Okello en Dan, de twee jongens die enkele maanden geleden een lening van SYPO kregen om een computercentrum te beginnen, hebben hun eerste terugbetalingen volgens schema gedaan. Het computercentrum heeft veel klanten, en Okello en Dan werken hard voor hun eigen winst.
- 21 januari 2010:
Bekijk hieronder het filmpje over SYPO microdevelopment, gefilmd in Oeganda door NCRV Mambapoint.tv (klik rechts onder voor volledig scherm).
- 21 januari 2010:
Nog enkele prestatieindicatoren van het project SYPO microdevelopment; ook op ieder moment live te volgen op de projectpagina's van microdevelopment op deze website.
Tabel: Een aantal interessante cijfers over het project. Ook deze cijfers worden live bijgewerkt en zijn dus altijd actueel.
- 28 november 2009:
Omdat de plaatsing van de verpleegkundigen in de nieuwe MediStructures kliniek in Kikwayi helemaal rond is zijn we twee weken geleden begonnen met de bouw van de volgende twee klinieken, in het vissersdorpje Ssenyi en in Kasubi. Hoewel hevige regenval de afgelopen weken de bouw moeilijk heeft gemaakt wordt er met zo veel enthousiasme door de lokale bevolking meegeholpen dat de fundering inmiddels helemaal af is. In Kasubi staan zelfs de muren al. De klinieken worden gemaakt volgens verbeterd ontwerp door de Nederlandse architect Pieter de Ruijter. In het nieuwe ontwerp is meer ruimte met evenveel bouwmaterialen, en is bijvoorbeeld een grotere wachtruimte gepland om medische trainingen en voorlichtingscampagnes in te kunnen houden. We hopen dat de twee klinieken nog dit jaar worden afgebouwd.
- 28 november 2009:
Omdat plastic zakjes als verpakking voor yoghurt begin volgend jaar verboden worden zal de yoghurtfabriek moeten wisselen naar plastic cups. Daardoor wordt de yoghurt duurder, en moet waarschijnlijk meer in de hoofdstad verkocht worden. Met behulp van vrijwilligser Ellis Stolwijk (econome) is Fred Kaggwa daarom nu bezig een leningaanvraag voor te bereiden voor de nieuwe verpakkingsmachine, de eerste lading plastic cups en eventueel zelfs een klein autootje om de yoghurt in te vervoeren. Ondertussen stijgt de melkopbrengst van de koeien door de aandacht die dit jaar aan training van de vrouwen is besteed, waardoor de fabriek straks vanzelf meer kan gaan produceren. SYPO doneert dit jaar in totaal 30 nieuwe koeien doneren aan vrouwen die een weeskind hebben opgenomen.
- 28 november 2009:
Binnen het project SYPO microdevelopment is in Buyira de eerste vergadering met de klanten gehouden, om te evalueren wat er aan het project kan verbeteren. De vrouwen in Buyira lieten weten heel veel baat gehad te hebben bij de leningen, en hun inkomsten sterk te hebben vergroot. Ze zouden graag grotere leningen krijgen (tot 200 euro), en stelden verder voor in de toekomst ook hypotheken en 'schoolgeldleningen' te gaan geven. Omdat dit allebei geen productieleningen zijn zal SYPO daar voorlopig nog niet aan beginnen, maar het was goed inzicht te krijgen in de financiele behoeftes van de klanten. Vrijwel alle vrouwen gaven aan van de mogelijkheid gebruik te maken een nieuwe lening aan te vragen na afbetaling van de helft van de eerste. Er zijn nu 150 klanten en nog steeds geen enkele wanbetaling.
- 25 september 2009:
Nieuws van over het project SYPO microdevelopment: de werkgroep microfinanciering is versterkt door Oscar Westerhof, student econometrie aan de Erasmus Universiteit. Ondertussen groeit het project gestaag door; er komen deze week weer zo'n twintig nieuwe leningen bij. Microkredieten worden in ons project veel gebruikt voor handel, maar ook bijvoorbeeld voor het bakken van bakstenen; het grootbrengen van kippen; het bieden van computerdiensten; en zelfs voor een schoonheidssalon! Via de onderstaande grafiek kunt u precies volgen hoeveel geld er uitgeleend is binnen het project. 2800 shilling is ongeveer een euro, en de maximale lening is op dit moment 300000 shilling. Deze grafiek wordt via het online administratiesysteem van het project bijgehouden.
- 05 september 2009:
Het project Counterpart Travels (eigen website hier), opgezet door SYPO directeur Duko Hopman, is vanaf nu een project van SYPO zelf. Counterpart Travels zoekt relevante en interessante posities voor mensen die graag vrijwilligerswerk in Oeganda willen doen. In plaats van stenen stapelen of toiletten graven zijn dat dus posities die gebruik maken van de specifieke ervaring en interesse van de vrijwilliger. Vrijwilligers kunnen vanaf half september slapen in Besaniya, het guesthouse dat door SYPO wordt opgezet in het stadje Mukono. Natuurlijk kunnen ook niet-vrijwilligers in het prachtige guesthouse-resort slapen, en genieten van de apen en uitzicht over het Victoriameer. Counterpart Travels zal een inkomsten genererend project zijn van SYPO.
- 24 augustus 2009:
SYPO heeft door de jaren heen geleerd dat de grote afstand tussen Oeganda en Nederland effectieve samenwerking met de projecten niet eenvoudig maakt. Veel problemen waren alleen maar aan te voelen tijdens jaarlijkse bezoeken aan de projecten. SYPO wil daarom een permanente vertegenwoordiging opzetten in Oeganda. Deze verlenging van de organisatie SYPO zal opgezet worden door directeur Duko Hopman en financieel manager Emma Kandelaars, die van september 2009 tot september 2010 in Oeganda zullen wonen om deze nieuwe tak van de organisatie vorm te geven. SYPO zal in de stad Mukono kantoor houden om een stevig aanspreekunt voor de projecten te vormen.
- 23 augustus 2009:
Na een maand moeilijkheden met het verpakkingsmateriaal is de yoghurtfabriek weer van start. De Oegandese overheid wil de plastic verpakking die tot nu toe gebruikt werd gaan verbieden. Er wordt daarom in de komende maanden naar een alternatief gezocht. Ook zal geexperimenteerd worden met nieuwe markten, zoals de hoofdstad Kampala.
- 22 augustus 2009:
Het project SYPO microdevelopment wil in 2010 'SYPO banking' gaan beginnen, waarin sponsors direct op de website een lening aan een vrouw in Oeganda kunnen geven, als de sponsor vertrouwen heeft in het businessplan van die vrouw. Door het jaar heen kan de sponsor de voortgang van de vrouw op die manier volgen en betrokken blijven bij de groei die de vrouw kan doormaken. Als de lening goed wordt terugbetaald kan die opnieuw door de sponsor worden uitgegeven.
- 20 augustus 2009:
SYPO bekijkt de mogelijkheid om een 'outsource centre' te beginnen in rurale gebieden in Oeganda, waarin via internet simpel administratief werk voor Nederlandse bedrijven gedaan kan worden. De bedragen die de Nederlandse bedrijven voor dat werk kunnen betalen kunnen in Oeganda een enorm verschil maken. Als uw bedrijf dat soort simpel werk heeft liggen of kan scheppen dan horen we dat graag, zodat we kunnen inschatten hoe haalbaar de opzet van dit project is.
- 19 augustus 2009:
SYPO probeert kritisch te kijken naar de effectiviteit van de projecten. Daarbij is inbreng van academische instituten van harte welkom. We gaan in de nabije toekomst in ieder geval een microkredietenproject en een medisch project naar nieuwe regio's uitbreiden. Als een onderzoeksinstituut geinteresseerd is naar causaal onderzoek in het veld van aid effectiveness binnen die projecten dan horen we daar graag van, en kunnen we eventueel infrastructuur aanbieden en volgorde van werken aanpassen aan de wensen van dat onderzoek. SYPO werkt binnen het district Mukono in het zuiden van Oeganda.
- 16 augustus 2009:
SYPO microdevelopment heeft inmiddels ongeveer 110 aanmeldingen, en 60 actieve leningen. Er is nog steeds 100% terugbetaald. Vrouwen lenen binnen dit project in groepen van vijf ongeveer honderd euro per persoon voor kleine 'businesses'. Charles Musisi, directeur van het project, gaat wekelijks met laptop de dorpen in om nieuwe klanten te vinden en in te schrijven.
- 23 juni 2009:
Het project Microdevelopment heeft een snelle start gehad. De eerste leningen zijn in april verstrekt. Op dit moment nemen 35 vrouwen deel aan het project en zijn er 16 leningen verstrekt van elk UGX 250.000 (ongeveer 100 euro). Eens per week ontmoeten de klanten onze loan officers voor afbetalingen. Dit gaat tot nu toe probleemloos. Voorbeelden van investeringsdoelen zijn het uitbreiden van handelswaar, het grootbrengen van geiten, het kopen van krachtvoer voor melkkoeien en het verlenen van computerservices.
- 30 april 2009:
Zoals u ziet staat nu de nieuwe website van SYPO online. Met een nieuw ontwerp van site en huisstijl benadrukt SYPO dat de stichting is gegroeid van een enkel project naar meerdere projecten met allemaal hetzelfde thema: structureel door ondernemerschap. De huisstijl werd ontworpen door studenten van het vakcollege SintLucas. Het logo staat voor het ‘op eigen benen staan’ dat al onze projecten nastreven.
- 20 maart 2009:
Het project SYPO microdevelopment zal de komende maanden de eerste leningen aan vrouwen in de omgeving van het dorp Kikwayi geven. We hopen dat het project aan het eind van 2009 honderd deelnemers heeft, maar eerst willen we voorzichtig kijken waar eventuele problemen kunnen ontstaan.
- 3 maart 2009:
In maart 2009 worden opnieuw 5 koeien weggegeven aan vrouwen die een weeskind willen opnemen, binnen het Yoghurtproject. De vrouwen gaan eerst een week lang op cursus, om te leren hoe ze de koeien het best kunnen verzorgen en hoe je een goede stal maakt.
- 25 februari 2009:
Sinds begin 2009 worden er meerdere projecten door SYPO ondersteund en uitgevoerd. We wilden daarom ook een steviger organisatiestructuur. De rol en samenstelling van het bestuur is veranderd; naast Ger van der Bruggen, Nico Hopman en Pieter de Hoop, die al langer bij SYPO betrokken waren, is ook Ben Tiesnitsch lid geworden van het bestuur. Ben heeft lange bestuurlijke ervaring, maar ook een passie voor oost Afrika en ontwikkelingshulp. Het bestuur zal zich bezig houden met de controle van de stichting, inhoudelijke begeleiding van de directeur en de werkgroepen en de langetermijn visie van de stichting.
- 15 februari 2009:
Er is nu geld om de eerste pilot-kliniek van het project MediStructures af te bouwen. We hopen dat de kliniek, die in het dorp Kikwayi gebouwd wordt, in april de eerste patienten kan helpen. Net als voor de andere klinieken binnen het project zullen de lopende kosten (zoals salarissen van de verpleegkundigen) door de overheid betaald worden.
- 2 februari 2009:
Het computerprogramma Symba, waarmee de administratie van het project SYPO microdevelopment zal worden bijgehouden, is helemaal klaar. Het programma is geschreven door Ralph Hopman. Charles Musisi, directeur van het project in Oeganda, zal de nieuwe klanten en leningen in Oeganda via dit online systeem kunnen invoeren. Het programma berekent niet alleen alles wat Charles moet weten over de leningen, maar verzekert ook de directe communicatie met de werkgroep Microdevelopment van SYPO in Nederland.
Oeganda column
30 juni 2010, Gastcolumn Eefje van den Broecke
Deze keer is de column geschreven door Eefje van den Broecke, die als vrijwilliger via het SYPO-project Counterpart Travels in het Besaniya Guesthouse van SYPO verblijft.
Eerste nacht in het guesthouse
Aangezien de wilde dieren in Afrika niet weg te denken zijn, kan een verhaal over de dieren op en rond het Guesthouse niet ontbreken.Vooral 's avonds en snachts is het een drukte van jewelste. Er brult een leeuw en in een hinderlaag ligt een cheeta te wachten. Als het hek het weer eens begeeft rennen er wat wilde evertzwijnen over het terrein. In een hok achter de keuken zitten vier struisvogels. Overdag verzamelen zich duizenden eenden in een boom en er zit een hele koppige draak in mijn bed.
Althans bovenstaande beschrijving is wat de donkere nachten van Afrika van de bewoners van het terrein van het Guesthouse maken als de stroom weer eens is uitgevallen. Die valt nogal geregeld uit. Van afgelopen vrijdag tot en met dinsdagochtend was er in het geheel geen stroom. Nu bij vlagen.
De leeuw is een hond van nog geen jaar oud die een dagtaak heeft aan het pesten van een drie maanden oude kat. De kat heeft er vervolgens weer een handje van om je te besluipen in en dan in je been te gaan hangen. Aangezien ik nog niet dood neer ben gevallen is mijn hart nog best in orde.. :-)
Om de nacht ontsnappen de varkens van de buren die dan vervolgens hun best doen om zoveel mogelijk herrie te maken. Niemand weet hoe ze ontsnappen, maar dat ze het doen is een feit. De miljoenen krekels in de bosjes wil ik nog wel eens verwarren met een ratelslang. De struisvogels zijn uiteraard gewoon kippen in een hok. In de bomen zitten Hornbills, werkelijk schitterende vogels. Ik geloof dat er een stuk of vier zitten en die maken een herrie. Eentje klinkt al als een vijver vol met eenden, moet je je voorstellen wat een paar voor geluid produceren.
Verder hebben we als grasmaaier versterking gekregen van een schaap. Alhoewel, schaap. Het is meer een kruising tussen een schaap, een geit en een marmot. Nogal een raar beest. Het schaap heet Hans en is zwanger. Dus binnenkort twee rare schapen.
De draak in mijn bed is een gekko. Als je ligt te lezen en je zaklamp schijnt per ongeluk op een mini gekko en je ziet alleen de schaduw, dan is het toch wel even schrikken. De gekko kruipt steeds in mijn klamboe. Ik zet hem er elke avond weer uit, en hij klimt er gewoon weer in. Ik denk maar niet aan alle andere beesten die op de zelfde wijze mijn klamboe in kunnen wandelen. Zoals de spin vannacht. brrr
Wat we wel (echt) hebben is apen. Ontzettend veel apen in de bomen op en rond het terrein. Ontzettend onwerkelijk om een boek te zitten lezen terwijl er vruchten naar beneden worden gegooid uit de boom naast je. Blijft echt een bezienswaardigheid. Binnenkort proberen er een te vangen met mijn camera, ze zijn namelijk nogal snel...
30 april 2010, Gastcolumn Maurits Zijp
Deze keer is de column geschreven door Maurits Zijp, die als freelance journalist en microfinanciering-geintresseerde enkele weken bij SYPO in Oeganda verblijft.
Yunus
Wilde paniek bliksemt uit haar ogen, alsof ze plotseling een leeuw achter mij ziet opdoemen. Verschrikt draai ik me om maar zie niets dan keuvelende mensen in het zaaltje staan. Vertwijfeld zie ik hoe zij de kleine man, aan wie ze zich in volledige overgave heeft vastgeklampt, nog lang niet van plan is los te laten. Geduldig glimlachend wacht hij tot iemand hem uit deze benarde greep zal komen bevrijden. Zij wil iets roepen maar haar stem stokt. Dan gebeurt het. Over de aanwezigen heen bereikt mij een rauwe kreet die alles in één klap duidelijk maakt. "FOTOOOOOOO!" Zo vlug als ik kan haal ik mijn camera tevoorschijn en druk af. Pas dan laat Sanne los.
Het gebeurt niet iedere dag dat je de 'godfather' van het microkrediet tegen het lijf loopt. De 'Africa-Middle East Microcredit Summit', van 7 tot en met 10 april gehouden in Nairobi, is onze kans. Duko en Emma hebben er een tweedaagse autorit voor over en zowel Sanne als ik zijn uitgenodigd in de stoere Toyota mee te rijden. De reis gaat, over hobbels en gaten, van het lieflijk groene landschap aan Oegandese zijde over in de met theeplantages, meren, vulcanen en zebra's bezaaide wijdsheid van Kenia. Zo zitten wij op de ochtend na aankomst tussen tweeduizend deelnemers bij de openingsceremonie, hangend aan de lippen van onze eigen Máxima, koningin Sofía, de Keniaanse president Kibaki én niemand minder dan de grote kleine man himself, professor Muhammad Yunus.
Het moet gezegd worden: de grote inspirator uit Bangladesh heeft aan charisma geen gebrek. Met ronduit sterke oneliners - die hier en daar bíjna het Obamagevoel doen herleven – verhaalt hij over het succes en de kracht van 'zijn' microfinanciering. De ambitieuze doelstelling van de eerste top in 1997 – microkrediet voor honderd miljoen van de armste gezinnen wereldwijd – is inmiddels gehaald. Maar het gaat dóór. "This is the age of making the impossible possible!" Yunus is ervan overtuigd dat het eerste millenniumdoel - in 2015 zijn extreme honger en armoede uitgebannen - binnen handbereik ligt en hij besluit, vol enthousiasme: "Let's do it, as individuals, together!"
De conferentie is wat we ons ervan hadden voorgesteld: leuk, bijzonder en leerzaam. Het uitgebreide aanbod van interessante thema's maakt het soms moeilijk een keuze te maken, maar gelukkig kunnen we ons kwartet waar nodig opsplitsen. Tussen alle presentaties, afspraken en standbezoeken door ontmoeten de leden van de 'SYPO-delegatie' elkaar dagelijks bij de lunch in de grote partytent op het terrein van het Kenyatta Conference Center. Een ander steevast meeting point bieden de sessies waar in het rijtje panelleden een iconische naam opduikt: Yunus.
Ook benutten we de buitenkans aan te haken bij een veertigtal studenten die, buiten het reguliere programma om, een ontmoeting met de gevierde Bengalees hebben geregeld. De klassikale sessie gaat over 'social business' en Yunus zet - samen met de directeur van Grameen Creative Lab, de Duitser Hans Reitz – uiteen hoe we zoiets moeten aanpakken. Vervolgens is er gelegenheid tot het stellen van vragen. Duko ziet zijn kans schoon om Yunus over de aanpak van SYPO te vertellen en vraagt hem daarna naar zijn mening: "Hoe denkt u over het werken met donaties in de opstartfase van een MFI?" Hoewel het antwoord – trouw vergezeld van de eeuwige glimlach - meer vragen oproept dan duidelijkheden verschaft, heerst er berusting in het SYPO-kamp. Of liever een stilzwijgend bewustzijn van het historische feit dat zich zojuist heeft voorgedaan: SYPO meets Grameen bank.
Zoals het een icoon betaamt maakt het eigenlijk niet zo gek veel uit wat Yunus precies zegt. Waar het om gaat is dat hij met zijn mooie woorden en zijn betoverende glimlach bereikt wat hij wíl bereiken. En juist daarin is deze kleine man uit Bangladesh zo ontzettend groot. Yunus wil een wereld creëren waarin we armoede uitsluitend nog in musea kunnen aanschouwen en hóe hem dat lukt zal hem jeuken. Grootmoedig geeft hij toe dat hij zichzelf – zijn grote reputatie - graag laat gebruiken om een genante hoeveelheid geld los te peuteren bij één of andere multinational. Wie Yunus wil gebruiken volstaat ermee hem uit te nodigen voor een etentje, voegt hij er glimlachend aan toe. Yunus' armoeloze wereld heiligt alle middelen en geen middel is hem te bar. Geen eindeloze fotosessie met opdringerige aanhangers op een conferentie ergens in Afrika. En zélfs niet als hij daarbij een minutenlange houdgreep moet doorstaan.
28 april 2010 : Groepsnamen microfinanciering
Binnen het project SYPO microdevelopment geven we kleine leningen aan vrouwen die een kleine onderneming willen opzetten of uitbreiden. De vrouwen krijgen de leningen in groepen van vijf; verantwoordelijk voor elkaars terugbetalingen. Het vormen van de groep is een serieuze zaak: doordat de vrouwen alleen groepsgenoten uitkiezen die ze vertrouwen, is de groepsvorming een eerste selectie voor ons. Nadat de groep gevormd is kiezen de vrouwen een naam en een groepsleider. De namen zijn vaak Oegandese spreekwoorden die uitstralen wat de vrouwen van hun leningen verwachten. De administratief medewerker van het project, Christine Ndagire, nam vandaag de tijd om er een paar te vertalen:- Poverty is like a lion: if you don't work hard, it will eat you.
- Opportunity is like the wind: it blows once and you cannot find it the second time. What comes next is another wind, not the one you lost.
- When you are a slave you have to work hard, but you please only your bosses.
- Even if you go slowly by slowly, you can reach your desired destination.
- Double your effort.
- You have to crawl before you can walk.
- When you want to succeed in something you have to give it a good start.
- Those who are rich were once like you.
- To get anything good you have to first work for it.
01 maart 2010 : Wildernis?
Als we voor afspraken in Kampala zijn drinken we wel eens een espresso in Cafe Pap, of sterken ons aan een pompoensoep met pijnboompitten in het hippe cafe Javas. En juist in die geairconditionde ruimtes heb ik er behoefte aan te verdedigen dat Afrika toch nog steeds zijn wilde kanten heeft. We hebben nog nooit -zoals Karen Blixen er regelmatig op uit moest- een leeuw in de tuin moeten schieten, en hoeven niet als Stanley inheemse stammen van wrede moordpartijen te weerhouden door ze snel een paar meter katoen te geven, maar het oude Afrika probeert zich toch af en toe te laten gelden. Deze week, waarin de askari (bewaker) van het guesthouse 's nachts een slang doodsloeg, en we vanochtend wakker werden in een kleine sprinkhanenplaag, lijkt een goede gelegenheid om een tipje van de sluier op te lichten.
In de tuin van het guesthouse wordt de wildernis gevoed door een non-stop afwisseling van regen en felle zon. Een fulltime tuinman vecht tegen het gras, oprukkende planten en vervaarlijk overhellende bomen. Als het een paar dagen wat koeler is, zoals de afgelopen week, kunnen de gekste dingen gebeuren. Vanochtend zaten een paar apen dichter bij ons huis dan ooit, diep op het gras geconcentreerd. Op nog geen twee meter daarvan een grote neushoornvogel; normaal ook een stuk schuwer. Pas toen ik naar buiten ging zag ik waar het ze om te doen was: grote wolken sprinkhanen vlogen boven onze tuin, en waren soms hulpeloos in het gras gestort. Maar niet alleen de apen en vogels deden zich tegoed aan de sprinkhanen - op de radio klonk de minister van verkeer, die de bevolking smeekte dit keer toch niet opnieuw allemaal de straat op te rennen achter de gratis lekkernij aan; vorige jaren waren er zo tientallen doden gevallen. Maar goed, als het een paar dagen flink regent dan zijn alle sprinkhanen weer weggespoeld. Als het nog wat langer regent, dan ontstaat een situatie als vorige maand. Na een week flinke regen waren alle wegen in het district volstrekt verwoest. Asfalt is er nauwelijks, en de modderwegen zijn slecht afgewaterd. We namen Charles mee op een van zijn terugbetalingsdagen van het microfinancieringsproject, en moesten dus toch diep de dorpen in. Glijdend over de losse natte modder wisten we zo'n 20 kilometer ver te komen. Daar hield het op; zo'n twintig vrachtwagens waren schuin en dwars over de weg vast komen te zitten, of stonden in de daar achter ontstane file. Hoewel we zelf nog reden konden we dus niet door: passief vast zitten. Ik liep naar de vrachtwagens en vroeg wat de strategie was. 'Wachten', zei iemand. 'Op de zon?', zei ik, 'maar dat kan wel een week duren!'. De man begon hard te lachen: 'Nee hoor, hoogstens een dag of twee', en hij zakte weer achteruit. We moesten veertig kilometer omrijden, maar ach, sneller thuis zijn had weinig zin: na een uur regenen valt toch steevast de stroom uit, waardoor thuis werken niet meer gaat.
Maar nu ik dit schrijf bedenk ik me dat heel Nederland net maanden lang in de sneeuw heeft gezeten; gaten in de weg en van treinverkeer geen sprake. Iedere dag lazen we verontrustender berichten op de Nederlandse nieuwssites. Dus ik kan er de boog en giftige pijlen waar de bewaker mee bewapend is nog bij halen, of de stropers die in het gebied hier vlakbij in de bossen op antilopen jagen, maar aangezien ik dit straks via het ultramoderne wireless netwerk van het cafe ga uploaden kan ik het misschien net zo goed toegeven: de oude Afrikaanse romantiek is er definitief van af. Oeganda is vastberaden een behoorlijke inhaalslag te maken en een modern land te worden; het land is net aangesloten op snelle internetkabels, en probeert ook op andere manieren de infrastructuur klaar te maken voor sterke economische ontwikkeling. Het succes van ons microfinancieringsproject toont aan dat niet alleen de elite baat heeft bij deze ontwikkelingen; de eieren van kippen die met onze microkredieten zijn gekocht worden over sterk verbeterde wegen naar zuid Soedan vervoerd; de koffie gaat door gunstige handelsvoorwaarden naar Kenia. En iedereen slaapt beter omdat de kans op leeuwen in de achtertuin niet meer zo groot meer is.
01 januari 2010 : Reactie op het WRR rapport
Allereerst wil ik de WRR complimenteren met de titel die ze voor het rapport heeft gekozen ('Minder pretentie, meer ambitie'). De ontwikkelingssamenwerking is op dit moment inderdaad vaak pretentieus, en mist de ambitie om een krachtig antwoord te formuleren op de kritiek van de afgelopen jaren. De hulpindustrie heeft het dan ook aan haarzelf te danken dat, nu een goed inhoudelijk antwoord op alle kritiek is uitgebleven, de regering het directe advies krijgt om de Nederlandse hulp te hervormen. De voorgestelde hervormingen zijn echter absoluut geen manier om de kwaliteit van hulp te verbeteren.De WRR had met dit rapport de kans een zichzelf verbeterende, resultaatgerichte vorm van ontwikkelingssamenwerking voor te stellen. In plaats daarvan wordt slechts het oude systeem afgeschaft, en weer een nieuw, even onzeker stelsel voorgesteld.
Het loslaten van de 0.7% norm is een voorstel waar de verder prijzenswaardige liberale toon van het rapport helemaal ontspoort. Bij de verdeling van hulpgelden werkt een liberale benadering niet. Als de particuliere donor een goede maat zou hebben om hulporganisaties te beoordelen, dan zou een liberaler stelsel tot gevolg hebben dat de beste hulporganisaties de meeste steun krijgen; de burger zou met het teruggekregen belastinggeld immers een goede afweging kunnen maken waaraan hij zijn donatie wil besteden. Maar anders dan in het bedrijfsleven ontbreken dergelijke resultaatmetingen in de ontwikkelingssamenwerking. Het is onmogelijk de effectiviteit van een donatie aan NOVIB te vergelijken met een aan ICCO, waardoor een liberaler stelsel een volledig triviale en instabiele verdeling van geld zou opleveren. De overheid zou in tegenstelling tot de burger wel de middelen moeten hebben om de effectiviteit van de verschillende organisaties in te schatten, en moet daarom het budget houden om hulporganisaties te financieren.
Als kleine organisatie met vooral economische projecten ervaart SYPO dat effectieve hulp alleen gegeven wordt als je open staat voor vernieuwingen; als je blijft zoeken naar manieren om het beter te doen. De hulpindustrie heeft die flexibiliteit de laatste decennia niet goed gehad. Er werd te vaak vastgehouden aan oude vormen van hulp, terwijl betere voor handen waren. De oplossing van de WRR is echter ondoelmatig en pretentieus: alleen doen waar Nederland het beste in is, in slechts enkele landen. Daarmee sluit het WRR juist iedere vorm van flexibiliteit uit, en pretendeert het nu al te weten in welke vormen van hulp wij als land het beste zijn. Hoe was een krachtig hulpmiddel als microfinanciering ooit ontstaan als Bangladesh zich alleen bezig mocht houden met waar het al goed in was? Of is het, naar goed gebruik in de bilaterale hulp, de bedoeling van de WRR dat we met keihard protectionisme de eigen markt met deze focusgebieden verder spekken? Een hoop ras-Nederlandse bedrijven zullen zich immers in hun handjes knijpen als minister Koenders alleen nog geld aan waterprojecten gaat uitgeven. De WRR zou er goed aan doen toe te geven dat de kunst in ontwikkelingssamenwerking juist is om je niet vast te leggen op bepaalde gebieden; om zoekend en resultaatgestuurd te blijven werken.
De afgelopen jaren hebben ons geleerd dat weeshuizen en waterputten hun tijd hebben gehad, terwijl nieuwe vormen van hulp zoals de aanpak van tariefmuren en microfinanciering meer aandacht hebben gekregen. Maar op welke manier stimuleert het nieuwe advies die manier van werken? De frontdesk voor particuliere initiatieven Impulsis (van ICCO, Kerk in Actie en Edukans) geeft al jaren nauwelijks meer geld aan weeshuizen, en stimuleert en begeleidt de start van zogenoemde 'economische projecten'. De WRR had er goed aan gedaan dit soort groeiprocessen te stimuleren, in plaats van Impulsis indirect te willen korten.
Stichting SYPO probeert ieder jaar opnieuw te bekijken hoe onze hulp beter kan, en schuwt daarbij niet de stekker te trekken uit minder effectief gebleken projecten. Misschien kunnen kleinschalige particulieren zich die flexibiliteit beter veroorloven. Een nieuw hulpstelsel moet zich erop richten die flexibiliteit ook op grote schaal te stimuleren. Het is goed om toe te geven dat hulp slecht kan zijn: inefficient, paternalistisch, afhankelijk makend of zelfs een reden voor grootschalig geweld. Maar de oplossing is niet om opnieuw te doen alsof we weten hoe het dan wel moet. De grote hervormingen van het Ministerie van Ontwikkelingssamenwerking moeten zich erop richten een stelsel te ontwikkelen waarbij resultaten worden gemeten, en efficientere hulporganisaties, groot en klein, meer geld krijgen. En natuurlijk pretendeer ik te weten dat SYPO dan als beste uit de bus komt.
22 december 2009 : Overheid
Met hulp van een van de bestuursleden van SYPO hebben we een auto kunnen kopen in Oeganda. Zonder auto valt nauwelijks te werken, doordat de minibusjes die het openbaar vervoer vormen lang niet overal komen en vaak uren wachten voor ze vertrekken. Vol opluchting stort ik me dan ook op de officiele overdracht van eigendom van de auto.Het begint voorspoedig; we kopen de auto van een vriendelijk Duits echtpaar dat niet alleen de motor perfect heeft onderhouden, maar ook de papieren vlekkeloos op orde heeft. Zij weten wat ik nog niet weet, en hebben om ons te helpen de papieren in vijfvoud ingevuld. Met die papieren wandel ik naar het plaatselijke kantoor van de Uganda Revenue Authority (URA), in onze woonplaats Mukono. Daar wordt me verteld dat ik eerst mijn Nederlandse rijbewijs moet laten omzetten. Hiervoor krijg ik een rekening, die ik in de UBA, ergens anders in de stad, moet gaan betalen. Ik loop naar de UBA, krijg een bonnetje, waarmee ik terug naar de URA kan. Daar krijg ik goedkeuring voor een aanvraag van een rijbewijs, waarvoor ik vijf dagen later naar Kampala, het 'Department of Face Technology', moet. Door de mysterieuze naam kan ik nauwelijks wachten. Kampala is gelukkig niet zo ver weg, en het departement is ook nog eens aan onze kant van de stad. Het blijkt een gigantische loods te zijn, opgedeeld in een deel waar achter grote hekken honderden archiefkasten staan - sommige omgevallen, andere zo vol dat de laden alleen nog maar helemaal uitgetrokken kunnen blijven - en een ander deel waar zo'n honderd Oegandezen gedwee wachten op het maken van een pasfoto: face technology. Ook ik wil gaan wachten maar krijg al snel te horen dat mijn papieren niet op orde zijn; ik moet terug naar de URA in Mukono. Enkele uren rijden voor niets, maar omdat niemand me kan vertellen wat er precies ontbreekt, vertekken we toch maar weer naar Mukono. Daar blijkt dat het missende document een doktersverklaring was om te getuigen dat ik niet blind ben of regelmatig drugs misbruik. Na de arts terug naar de URA, waar een paar stempels aan ons dossier worden toegevoegd. Diezelfde dag nog naar het Department of Face Technology, waar ik na minder dan een uur aan de beurt ben om een foto te laten maken. We worden naar een ander loket gewuifd waar ons wordt verteld dat we na een week kunnen terugkomen.
Met mijn nieuwe rijbewijs kunnen we naar het hoofdkantoor van de URA; een zo mogelijk nog grotere loods ergens anders in Kampala. De gigantische hal ligt aan een spoorrails: een door Idi Amin gebouwde maar in onbruik geraakte opslag van goederen. Nu is het een opslag voor uitzichtloze frustratie geworden. Duizenden mensen staan voor lege loketten te wachten of slenteren verdwaasd en gedesillusioneerd over het enorme terrein. Buiten hebben een paar inventieve ondernemers kopieerapparaten op de parkeerplaats gezet, waar ze de duizenden paperassen van bij de loketten weggestuurde belastingbetalers aan het kopieren zijn. Tussen de roestige archiefkasten worden chapati's gemaakt en coca cola's verkocht. Na een half uur rondvragen komen we bij de goede groep chaos aan. Daar horen we dat ik een Oegandees TIN (tax identification number) moet hebben om een auto te bezitten. We proberen het nog tien minuten, maar men is onverbiddelijk. Hoewel de TIN ook door de URA wordt uitgegeven blijkt dat specifieke bureautje weer in een andere loods te staan; aan de andere kant van Kampala. Als we aankomen is het na vier uur en zijn de poorten gesloten. Een dag later weer een poging. Vandaag stond in de krant dat de bevolking van Oeganda de 33 miljoen gepasseerd, maar de TIN's worden uitgegeven door een enkel slaperige mevrouwtje aan het kleinste bureautje dat we tot nu toe tijdens dit avontuur zijn tegengekomen. Ze schrikt wakker en vertelt me dat ik een nieuw aantal formulieren in tweevoud moet invullen, een aantal kopieen van willekeurige andere formulieren moet toevoegen en daar nog een en ander aan vast moet nieten. Bij dat alles moet ik een referentie voegen van iemand die al een TIN heeft. Vooral dat laatste zal een probleem worden. Ik probeer het vriendelijk, maar ook de slaperige beambte zelf heeft geen TIN waarmee ze mijn referentie kan zijn. De ambtenaren van het belastingkantoor hebben geen sofi-nummer. De tocht die ons naar URA (Mukono) - UBA (Mukono - Department of Face Technology (Kampala) - URA (Mukono) - Arts (Mukono) - Department of Face Technology (Kampala) - URA hoofdkantoor (Kampala) - URA ander kantoor (Kampala) heeft geleid en nu zes weken heeft geduurd brengt ons dus nu naar een nieuwe missie: een Oegandees vinden die het ooit voor elkaar heeft gekregen de laatste stappen te vervullen, zodat die onze referentie kan zijn.
Een overheid die zo zwak is kan het beste de private sector in alles stimuleren. Met de auto, die nog steeds niet van ons is, bezoeken we een grote Eucalyptesplantage van een bevriende Oegandees. Hij heeft een gunstig lease-contract afgesloten met de National Forest Association. Het contract bepaalt dat hij in het door hem geleasde gebied alleen maar bomen mag planten. Alle beschermde bossen van Oeganda worden in angstaanjagend tempo omgekapt (met directe klimatologische veranderingen als gevolg), maar in dit prive-reservaat wordt nooit een boom te vroeg gekapt. Het commercieel belang dat dit individu heeft in de groei van deze bomen - hij mag ze na enkele jaren kappen, zolang hij nieuwe plant - zorgen daar wel voor. Een fantastisch voorbeeld van individueel commercieel belang dat toch in dienst staat van de gemeenschap. We gaan volgende week nog met de overheid en vertegenwoordigers van de koning, die ook veel land heeft, praten of dit project kan worden uitgebreid, waarbij individuen misschien wel lang-lopende leningen van SYPO zouden kunnen krijgen om de bomen te planten.
18 november 2009 : Leningen
Okello komt met een ingebonden businessplan de heuvel opgelopen. De slimme en vriendelijke jongen van 26 werkt al jaren voor 35 euro per maand bij een computercentrum in het centrum van het stadje Mukono. Hij kan alles met computers; het simpele computercentrum waarvoor hij werkt draait op zijn gedreven inzet. De eigenaar woont in de hoofdstad en komt vrijwel nooit langs.Nu wil Okello voor zichzelf beginnen. In plaats van alle winst af te staan en zelf met 35 euro per maand te overleven, wil hij een eigen bedrijfje bouwen. Niet alleen zal men in zijn computercentrum de beste service van de stad krijgen, maar ook wil hij in de ochtenduren cursussen geven aan jonge schoolverlaters. Jongeren als Okello voelen in Oeganda de verstikkende kansloosheid van de armoede. Van de 35 euro zal hij nooit genoeg kunnen sparen om zelfs maar een bedrijfsruimte te gaan huren. Banken lachen hem al bij de ingang weg: hij heeft geen onderpand, is niet geregistreerd en heeft niet genoeg geld om de bankmedewerkers om te kunnen kopen voor een leningaanvraag. Van het weinige geld dat hij verdient kan hij leven, trouwen, en uiteindelijk zijn kinderen naar school sturen. Maar dat is nog geen keuzevrijheid. Die manier van leven is niet genoeg voor een ambitieuze jongen als Okello. Niet voor niets vertelde Okello me de eerste keer dat ik hem tegenkwam dat hij graag naar Europa zou verhuizen. Hij sprak met Charles Musisi en hoorde over het project SYPO microdevelopment. Een week later kwam hij met zijn businessplan naar ons huis.
Het begint me duidelijk te worden dat de uitzichtloze frustratie van ambitieuze jongens zoals Okello een van de ergste gevolgen is van armoede. Na zeven jaar regelmatige werkbezoeken aan Oeganda ben ik het volstrekt oneens met de 'cultuurrelativisten' die beweren dat de Afrikaanse armoede geen absolute vorm van ongeluk is, maar alleen erg is in directe vergelijking met het Westen. In die gedachtengang is een levenverwachting van 50 jaar alleen een probleem als die wordt vergeleken met de 80 jaar van het Westen. Als iedereen 50 wordt, pas je je levensloop aan en als iedereen om je heen ook op z'n 50ste dood gaat, vind je jezelf oud als je 45 bent. Geen probleem dus. Het cultuurrelativisme ontstaat als je door een dorp als Kikwayi, waar het Yoghurtproject is gestart, loopt, en iedereen lachend en gelukkig voor z'n hut ziet zitten. Een goede cultuurrelativist voegt daar nog de vergelijking met de chagrijnigheid van 'de Nederlander' in het openbaar vervoer aan toe en minacht de Westerse nintendo-jeugd en trekt de conclusie dat armoede misschien zelfs wel gelukkiger maakt.
Het cultuurrelativisme klopt niet. In een land met een levensverwachting van 50 jaar wordt niet iedereen 50, terwijl in het Westen wel een groot deel daadwerkelijk de 80 haalt. In plaats daarvan sterft 13% van de mensen in Oeganda onder de 5 jaar en begraaft een nog veel groter deel van de ouders ooit een kind: een absolute vorm van ongeluk. Armoede maakt in beginsel gelukkige mensen ongelooflijk kwetsbaar voor de allerkleinste problemen; simpele ziektes of een paar weken geen regen kunnen levens verwoesten. Maar de groep mensen die zelfs zonder acute problemen op een absolute manier lijdt onder armoede zijn jongeren zoals Okello. De groep die vanaf 15 jaar langzaam begint te beseffen dat alles waar ze van dromen nooit uit zal komen. Dat ze niet kunnen kiezen wat of waar ze gaan studeren, waar ze zullen wonen, welke baan ze zullen krijgen, of wat ze van de wereld zullen zien. De keuze is meestal tussen een leven op de akkers in hun geboortedorp of een hard en even arm leven in de stad. Dat dit soort jongens na hun veertigste lachend voor hun hut zitten is geen geluk, maar berusting.
Okello heeft geen giften nodig, geen medelijden, geen liefdadigheid. Met een lening van 3000 euro kan hij samen met een vriend van hem, ook een computerwizard in vergelijkbare situatie, een winkel huren en alle nodige apparatuur kopen. Hij heeft het perfecte pand op het oog: in een nieuw gebouw aan de hoofdweg midden in de stad. Hij zal de lening met 17% rente in twee jaar terugbetalen. Die rente is genoeg om de lening zonder verlies aan te bieden. Wij kunnen hem dus met winst een lening geven, waardoor hij zelf ook winst gaat maken. Zelfs als iedereen uit eigenbelang werkt, kan het resultaat structurele ontwikkeling zijn. Daarbij komt de vraag van Okello zelf; wij dwingen hem niet om een computercentrum te beginnen. Hij zal keihard werken om dit project te laten slagen, want het is helemaal van hem en hij plukt zelf de vruchten als het beter gaat. De suggesties van Charles voor verbeteringen in zijn businessplan heeft hij binnen enkele uren doorgevoerd. Ook SYPO is gedwongen resultaatgericht te werken; als we geen goede businessplannen uitkiezen en de leningen niet goed begeleiden, verliezen we zelf inkomsten. Het concept lening verzekert daardoor een structurele, resultaatgerichte manier van werken. Op den duur zou SYPO volledig onafhankelijk van donaties kunnen zijn en toch de hoogste kwaliteit hulp kunnen aanbieden. Het soort hulp dat een echte ontwikkeling in gang zet. Want Okello bespreekt nu al hoe hij zijn eerste winst kan herinvesteren.







